In gesprek met Daan

Daan is bedrijfsleider bij Talenthub Amsterdam. Hier komen zijn twee grote passies samen: het activeren van mensen en het hergebruiken van materiaal. Hij vertelt ons hoe dat zo gekomen is — en wat hij doet als hij niet aan het werk is.

Wie ben jij Daan, wat heb je gedaan voordat je hier bent gaan werken?

Ik ben maker, bouwer en hergebruiker. Ik studeerde aan de ALO — sport, management en ondernemen — en studeerde af met een scriptie over het opzetten van broedplaatsen. Wat ik daar leerde is eigenlijk de rode draad in alles wat ik daarna heb gedaan: werken met groepen, mensen activeren, en uiteenlopende doelgroepen een can-do mentaliteit meegeven.

Wat heb je na je studie gedaan?

Ik heb aan meerdere broedplaatsen meegebouwd, maar hoofdzakelijk aan drie: de Tolhuistuin, De Ceuvel en De Hoop in Zaandam. Als beheerder van de Tolhuistuin — het voormalige Shell-laboratorium aan het IJ — haalde ik de hekken rond het terrein weg en richtte ik er een werkplaats in. Van de overgebleven stalen buizen bouwde ik daar mijn eerste geodetische domes, en ook mijn eerste bootbanken. Bij De Ceuvel werd dat groter: ik bouwde het slingerende steigerpad tussen de woonboten, hielp de boten op de vervuilde kade te leggen, en maakte het meubilair voor het Ceuvel-café. Bij De Hoop in Zaandam was ik beheerder en verzorgde ik de bouwbegeleiding van een maakgemeenschap van zo'n 16.000 m² in een voormalige kartonfabriek, grotendeels zelf gebouwd door de makers die er nu werken.

En die domes, waar zijn die nog meer terechtgekomen?

Met die domes heb ik sindsdien op festivals gestaan, woningen gebouwd op een permacultuur-farm in Oeganda, en een theater neergezet voor straatkinderen in Kampala. In Egypte bouwde ik domes voor een kunstproject in Caïro. Op dit moment werk ik aan een nieuwe dome voor de Dutch Design Week, die daarna een vaste plek krijgt op de campus van de Universiteit Utrecht.

Nog iets anders waar je in je vrije tijd mee bezig bent?

Ja, een beetje onverwacht misschien: ik ben rustig een boek aan het schrijven over AI, met behulp van AI. Ik ben zeker geen schrijver, maar ik heb er ontzettend veel plezier in.

Waar kijk je naar uit?

Naar de nieuwe dome voor de Dutch Design Week, die daarna een vaste plek krijgt op de campus van de Universiteit Utrecht. Een mooi voorbeeld van hoe een reststuk staal kan uitgroeien tot woning, theater en uiteindelijk tentoonstellingsobject.

Wat wil je nog leren?

Volgens mij ben je als maker nooit uitgeleerd — dat is precies wat dit vak voor mij interessant houdt.

Wat geeft jou energie in je werk hier?

De mensen. Ik werk hier met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, die via een leerstage de ruimte krijgen om zich te ontwikkelen door met restmateriaal echte producten te maken. Het mooiste vind ik het moment waarop iemand ontdekt wat hij of zij écht kan. In afgedankt materiaal zit vaak veel meer dan je op het eerste gezicht denkt — en zo kijk ik ook naar de mensen hier: in iedereen zit meer dan je in eerste instantie ziet. Dat naar boven halen, in het materiaal én in de mensen, geeft mij energie.

En naast TalentHub, wat doe je dan nog meer?

Ik heb ook mijn eigen merk, DD-Industries: upcycle-meubels, bootbanken, domes. Waar de meeste mensen een leeg gebouw, een vervuild terrein of een berg overgebleven materiaal als een probleem zien, zie ik het begin van iets nieuws. Iets goed slopen is ook iets nieuws maken. Kijk op daandijkstra.com voor meer van mijn werk.

En thuis, waar ben je op dit moment mee bezig?

Genoeg! Mijn fundering moet vervangen worden, dus ondertussen ben ik een tuinhuis aan het bouwen om tijdens de verbouwing in te wonen. Ook dat bouw ik zoveel mogelijk uit oud materiaal — twee vervallen blokhutten die ik heb gesloopt en herbouw tot iets nieuws. Kortom, ook thuis houdt het hergebruiken niet op.