Is de ICT infrastructuur belangrijker dan de mens?

Omgaan met de toekomst van mensen is een delicate zaak. Dat schoot door mijn hoofd toen ik in gesprek was met een journalist die een artikel schreef over de samenwerking met bouwer Van Omme & De Groot. Niet dat wij dat aan deze bouwer duidelijk moesten maken. Van Omme & De Groot is voor mij juist een voorbeeld van één van die bedrijven die juist wel nadenken over de gevolgen van hun handelen voor de mens. 

Even ter verduidelijking. Het gesprek ging over de projecten die wij samen opzetten voor mensen met een toekomst op de arbeidsmarkt. De reden waarom die kreet door mijn hoofd schoot?  Het gesprek metde journalist maakte mij duidelijk hoe “men” kijkt naar inspanningen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het lijkt alsof het een markt segment in de marge is. Als je een project start dan is het al snel goed. Want je doet toch je best? Je hebt toch goede intenties? En voor wat betreft de begeleiding in zo’n traject: daar moet je vooral niet teveel geld aan kwijt zijn. Hoe een project dan wordt ingericht, is overigens ook boeiend. Eerst definiëren we WAT we gaan doen. Alsof Simon Sinek met zijn “Start with Why?” onzin heeft uitgekraamd. Vervolgens proberen we subsidie en sponsoring te regelen, want we geven de mensen tenslotte een kans! En aan het eind halen we er wat mensen bij die het mogen uitvoeren.

Hebben we dan nog steeds niets geleerd?

Hoe kan het nu zijn dat mensen met een reguliere baan steeds vaker in de burn-out terecht komen? Waarom zouden mensen, die niet direct het meest stabiele voortraject hebben dan niet in een burn-out terecht komen wanneer wij hen een kans bieden, ontwikkeld vanuit onze paradigma’s? Het doet mij denken aan het gesprek met een, overigens bijzonder positieve, ambtenaar die bezig was met werk en gezondheid. Leuke kerel, creatief en een stuiterbal. Zijn credo: “Werk is de beste zorg”. Ik snap wat je dan zegt. Maar toen ik voorstelde dat hij de komende jaren administratief repetitief werk moest gaan doen, ontwikkelde zich toch wel een spanning op zijn gezicht. 

Beseffen we ons eigenlijk wel hoeveel er kapot gaat wanneer mensen zomaar in een structuur worden geplaatst? Als ze moeten doen wat anderen vinden dat goed voor hen is? Als alleen naar aangeleerde competenties wordt gekeken en niet naar sluimerend talent en onderdrukte passie? En kom nu niet aan met het gegeven dat deze mensen hun verantwoordelijkheid moeten nemen en dat ze blij moeten zijn met het feit dat zij een kans krijgen. Ik denk juist dat wij onze verantwoordelijkheid moeten nemen! Denk aan Eckart Wintzen, die stelde: het is niet dat iemand niet functioneert, maar dat hij op de verkeerde plek is neergezet.

Terug naar de titel van dit blog. In onze maatschappij is het gebruikelijk dat wij allerlei criteria stellen aan een ICT infrastructuur. De architectuur en effecten van een project worden uit en te na onderzocht. Bovendien moeten de mensen die zich met het project bemoeien, zijn opgeleid en aantoonbaar ter zake kundig. De uitkomsten worden gemeten en de consequenties op de lange termijn zijn al voor aanvang van het traject in beeld gebracht. En als het dan gaat om trajecten waarin mensen hun toekomst, hun leven en hun dromen moeten vormgeven, hebben we vaak al een mening voordat het traject überhaupt is begonnen.

Blijft dit zo? Mooi niet. Doe met ons mee in de kanteling.

Stedelijke ontwikkeling en het tekentafel syndroom

Wat is dat toch met al die plannen voor onze steden en dorpen. Op de tekentafel zien ze er prachtig uit. Alles klopt met de theoretische kaders. Maar toch, die eigenwijze realiteit. Dan blijkt het allemaal toch weerbarstiger. Ontwikkeling lijkt gelijk te staan aan bouwen. We kiezen een mooie plek uit, laten een architect wegdromen, gooien er een bak geld tegen aan en staan vervolgens verbaast te kijken naar de gaten die ergens anders in de stad ontstaan.